Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

2.2-15.5

UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2017/2058 VAN DE COMMISSIE

van 10 november 2017

tot wijziging van Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 tot vaststelling van bijzondere voorwaarden voor de invoer van levensmiddelen en diervoeders van oorsprong uit of verzonden vanuit Japan in verband met het ongeval in de kerncentrale van Fukushima

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 178/2002 van het Europees Parlement en de Raad van 28 januari 2002 tot vaststelling van de algemene beginselen en voorschriften van de levensmiddelenwetgeving, tot oprichting van een Europese Autoriteit voor voedselveiligheid en tot vaststelling van procedures voor voedselveiligheidsaangelegenheden (1), en met name artikel 53, lid 1, onder b), ii),

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Artikel 53 van Verordening (EG) nr. 178/2002 voorziet in de mogelijkheid passende EU-noodmaatregelen vast te stellen voor uit een derde land ingevoerde levensmiddelen en diervoeders om de volksgezondheid, de diergezondheid of het milieu te beschermen, wanneer het risico niet op afdoende wijze kan worden beheerst met de door de afzonderlijke lidstaten getroffen maatregelen.

(2)

Na het ongeval in de kerncentrale van Fukushima op 11 maart 2011 werd de Commissie ervan in kennis gesteld dat de radionuclidegehalten in bepaalde levensmiddelen van oorsprong uit Japan de in Japan geldende actiedrempels voor levensmiddelen overschreden. Een dergelijke besmetting kan een bedreiging voor de gezondheid van mens en dier in de Unie vormen en daarom werd Uitvoeringsverordening (EU) nr. 297/2011 van de Commissie (2) vastgesteld. Die verordening werd vervangen door Uitvoeringsverordening (EU) nr. 961/2011 van de Commissie (3), die vervolgens werd vervangen door Uitvoeringsverordening (EU) nr. 284/2012 van de Commissie (4). Deze laatste werd vervangen door Uitvoeringsverordening (EU) nr. 996/2012 van de Commissie (5), die vervolgens werd vervangen door Uitvoeringsverordening (EU) nr. 322/2014 van de Commissie (6), die op haar beurt is vervangen door Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 van de Commissie (7).

(3)

Aangezien Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 bepaalt dat de in die verordening vervatte maatregelen moeten worden herzien vóór 30 juni 2016 en om rekening te houden met de verdere ontwikkeling van de situatie en de gegevens voor 2015 en 2016 over de aanwezigheid van radioactiviteit in diervoeders en levensmiddelen, is het aangewezen om Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 te wijzigen.

(4)

Bij Verordening (Euratom) 2016/52 van de Raad (8) zijn Verordening (Euratom) nr. 3954/87 van de Raad (9) en Verordening (Euratom) nr. 770/90 van de Commissie (10) ingetrokken en het is dan ook dienstig de verwijzingen naar die verordeningen dienovereenkomstig aan te passen.

(5)

De bestaande maatregelen zijn herzien op basis van de meer dan 132 000 gegevens over de aanwezigheid van radioactiviteit in andere diervoeders en levensmiddelen dan rundvlees en van de meer dan 527 000 gegevens over de aanwezigheid van radioactiviteit in rundvlees die door de Japanse autoriteiten werden verstrekt in verband met het vijfde en het zesde groeiseizoen na het ongeval (januari 2015 tot december 2016).

(6)

Uit de door de Japanse autoriteiten verstrekte gegevens blijkt dat in het vijfde en het zesde groeiseizoen na het ongeval geen overschrijding van de maximaal toelaatbare niveaus van radioactiviteit is geconstateerd in diervoeders en levensmiddelen van oorsprong uit Akita, en dat het derhalve niet langer noodzakelijk is om met het oog op de vaststelling van radioactiviteit vóór uitvoer naar de Unie de bemonstering en analyse te eisen van diervoeders en levensmiddelen die van oorsprong zijn uit de prefectuur Akita.

(7)

Wat diervoeders en levensmiddelen van oorsprong uit de prefectuur Fukushima betreft, is het, gelet op de door de Japanse autoriteiten verstrekte gegevens betreffende 2014, 2015 en 2016, passend om de eis van bemonstering en analyse vóór uitvoer naar de Unie op te heffen voor rijst en daarvan afgeleide producten. Voor de overige diervoeders en levensmiddelen van oorsprong uit die prefectuur is het aangewezen de bestaande eis van bemonstering en analyse vóór uitvoer naar de Unie te handhaven.

(8)

Wat de prefecturen Gunma, Ibaraki, Tochigi, Iwate en Chiba betreft, is momenteel bepaald dat paddenstoelen, vis en visserijproducten, en bepaalde eetbare wilde planten en de verwerkte en afgeleide producten daarvan, vóór uitvoer naar de Unie moeten worden bemonsterd en geanalyseerd. De gegevens over de aanwezigheid van radioactiviteit voor het vijfde en het zesde groeiseizoen wijzen erop dat voor sommige van die diervoeders en levensmiddelen van oorsprong uit bepaalde prefecturen niet langer hoeft te worden geëist dat zij vóór uitvoer naar de Unie worden bemonsterd en geanalyseerd.

(9)

Wat de prefecturen Akita, Yamagata en Nagano betreft, is momenteel bepaald dat paddenstoelen, bepaalde eetbare wilde planten en de verwerkte en afgeleide producten daarvan vóór uitvoer naar de Unie moeten worden bemonsterd en geanalyseerd. De gegevens over de aanwezigheid van radioactiviteit voor het vijfde en het zesde groeiseizoen wijzen erop dat het niet langer nodig is om voor diervoeders en levensmiddelen afkomstig uit de prefectuur Akita te eisen dat zij worden bemonsterd en geanalyseerd, en dat voor bepaalde eetbare wilde planten uit de prefecturen Yamagata en Nagano niet langer hoeft te worden geëist dat zij vóór uitvoer naar de Unie worden bemonsterd en geanalyseerd.

(10)

De gegevens over de aanwezigheid van radioactiviteit voor het vijfde en het zesde groeiseizoen wijzen erop dat de eis dat paddenstoelen van oorsprong uit de prefecturen Shizuoka, Yamanashi en Niigata vóór uitvoer naar de Unie worden bemonsterd en geanalyseerd, moet worden gehandhaafd.

(11)

Rekening houdend met de gegevens over de aanwezigheid van radioactiviteit voor het vijfde en het zesde groeiseizoen, dient Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 aldus te worden gestructureerd dat prefecturen waarvan dezelfde levensmiddelen en diervoeders vóór uitvoer naar de Unie moeten worden bemonsterd en geanalyseerd, worden gegroepeerd.

(12)

Uit de controles bij invoer blijkt dat de speciale voorwaarden waarin de EU-wetgeving voorziet, door de Japanse autoriteiten correct worden toegepast en dat niet-naleving al meer dan vijf jaar niet is geconstateerd. Bijgevolg kan de frequentie van de controles bij invoer laag blijven.

(13)

Het is aangewezen Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 te herzien zodra de resultaten van de bemonstering en analyse met het oog op de vaststelling van radioactiviteit in diervoeders en levensmiddelen van het zevende en het achtste groeiseizoen na het ongeval (2017 en 2018) beschikbaar zijn, namelijk tegen 30 juni 2019.

(14)

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 moet derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(15)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 wordt als volgt gewijzigd:

1)

In artikel 1 wordt de inleidende zin vervangen door:

„Deze verordening is van toepassing op diervoeders en levensmiddelen, met inbegrip van minder belangrijke levensmiddelen, in de zin van artikel 1 van Verordening (Euratom) 2016/52 van de Raad (*1) (hierna „de producten” genoemd), van oorsprong uit of verzonden vanuit Japan, met uitzondering van:

(*1) PB L 13 van 20.1.2016, blz. 2.”."

2)

Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:

a)

lid 1 wordt vervangen door:

„1. Elke zending diervoeders en levensmiddelen genoemd in en vallende onder de in bijlage II genoemde GN-codes of van samengestelde diervoeders en levensmiddelen die voor meer dan 50 % uit dergelijke diervoeders en levensmiddelen bestaan, van oorsprong uit of verzonden vanuit Japan, gaat vergezeld van een geldige originele verklaring, opgesteld en ondertekend overeenkomstig artikel 6”;

b)

lid 3, onder c), wordt vervangen door:

„c)

het product is verzonden vanuit maar niet van oorsprong is uit een van de in bijlage II vermelde prefecturen waarvoor de bemonstering en analyse van dit product is vereist en tijdens de doorvoer of verwerking niet aan radioactiviteit is blootgesteld, of”;

c)

lid 4 wordt vervangen door:

„4. In bijlage II genoemde vis en visserijproducten die in de kustwateren van de prefecturen Fukushima, Gunma, Tochigi, Miyagi, Ibaraki, Chiba of Iwate zijn gevangen of geoogst, gaan vergezeld van een verklaring zoals bedoeld in lid 1 en van een analyserapport met de resultaten van de bemonstering en analyse, ongeacht waar deze producten aan land zijn gebracht.”.

3)

Artikel 14 wordt vervangen door:

„Artikel 14

Herziening

Deze verordening wordt herzien vóór 30 juni 2019.”.

4)

Bijlage I wordt vervangen door bijlage I bij deze verordening.

5)

Bijlage II wordt vervangen door bijlage II bij deze verordening.

6)

Bijlage III wordt vervangen door bijlage III bij deze verordening.

Artikel 2

Overgangsmaatregel

Binnen het toepassingsgebied van Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 vallende zendingen levensmiddelen en diervoeders die Japan vóór de datum van inwerkingtreding van deze verordening hebben verlaten, mogen in de Unie worden ingevoerd overeenkomstig de voorwaarden die zijn vastgesteld bij Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6, vóór de wijziging ervan bij deze verordening.

Artikel 3

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 10 november 2017.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1) PB L 31 van 1.2.2002, blz. 1.

(2) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 297/2011 van de Commissie van 25 maart 2011 tot vaststelling van bijzondere voorwaarden voor levensmiddelen en diervoeders van oorsprong uit of verzonden vanuit Japan in verband met het ongeval in de kerncentrale van Fukushima (PB L 80 van 26.3.2011, blz. 5).

(3) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 961/2011 van de Commissie van 27 september 2011 tot vaststelling van bijzondere voorwaarden voor de invoer van levensmiddelen en diervoeders van oorsprong uit of verzonden vanuit Japan in verband met het ongeval in de kerncentrale van Fukushima, en tot intrekking van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 297/2011 (PB L 252 van 28.9.2011, blz. 10).

(4) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 284/2012 van de Commissie van 29 maart 2012 tot vaststelling van bijzondere voorwaarden voor de invoer van levensmiddelen en diervoeders van oorsprong uit of verzonden vanuit Japan in verband met het ongeval in de kerncentrale van Fukushima, en tot intrekking van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 961/2011 (PB L 92 van 30.3.2012, blz. 16).

(5) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 996/2012 van de Commissie van 26 oktober 2012 tot vaststelling van bijzondere voorwaarden voor de invoer van levensmiddelen en diervoeders van oorsprong uit of verzonden vanuit Japan in verband met het ongeval in de kerncentrale van Fukushima, en tot intrekking van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 284/2012 (PB L 299 van 27.10.2012, blz. 31).

(6) Uitvoeringsverordening (EU) nr. 322/2014 van de Commissie van 28 maart 2014 tot vaststelling van bijzondere voorwaarden voor levensmiddelen en diervoeders van oorsprong uit of verzonden vanuit Japan in verband met het ongeval in de kerncentrale van Fukushima (PB L 95 van 29.3.2014, blz. 1).

(7) Uitvoeringsverordening (EU) 2016/6 van de Commissie van 5 januari 2016 tot vaststelling van bijzondere voorwaarden voor de invoer van levensmiddelen en diervoeders van oorsprong uit of verzonden vanuit Japan in verband met het ongeval in de kerncentrale van Fukushima en tot intrekking van Uitvoeringsverordening (EU) nr. 322/2014 (PB L 3 van 6.1.2016, blz. 5).

(8) Verordening (Euratom) 2016/52 van de Raad van 15 januari 2016 tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar en tot intrekking van Verordening (Euratom) nr. 3954/87 en de Verordeningen (Euratom) nr. 944/89 en (Euratom) nr. 770/90 van de Commissie (PB L 13 van 20.1.2016, blz. 2).

(9) Verordening (Euratom) nr. 3954/87 van de Raad van 22 december 1987 tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van levensmiddelen en diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar (PB L 371 van 30.12.1987, blz. 11).

(10) Verordening (Euratom) nr. 770/90 van de Commissie van 29 maart 1990 tot vaststelling van maximaal toelaatbare niveaus van radioactieve besmetting van diervoeders ten gevolge van een nucleair ongeval of ander stralingsgevaar (PB L 83 van 30.3.1990, blz. 78).


BIJLAGE I

BIJLAGE I

Maximale niveaus voor levensmiddelen (1) (Bq/kg) zoals vastgesteld in de Japanse wetgeving

 

Levensmiddelen voor zuigelingen en peuters

Melk en dranken op basis van melk

Mineraalwater en soortgelijke dranken en thee bereid uit ongefermenteerde bladeren

Andere levensmiddelen

Totaal cesium-134 en cesium-137

50 (2)

50 (2)

10 (2)

100 (2)

 

Maximale niveaus voor diervoeders (3) (Bq/kg) zoals vastgesteld in de Japanse wetgeving

 

Diervoeders bestemd voor runderen en paarden

Diervoeders bestemd voor varkens

Diervoeders bestemd voor pluimvee

Diervoeders bestemd voor vissen (5)

Totaal cesium-134 en cesium-137

100 (4)

80 (4)

160 (4)

40 (4)


(1) Voor gedroogde producten die bestemd zijn voor consumptie in gereconstitueerde staat, geldt het maximale niveau voor het gereconstitueerde gebruiksklare product.

Voor gedroogde paddenstoelen geldt een reconstitutiefactor 5.

Voor thee geldt het maximale niveau voor het uit ongefermenteerde theebladeren bereide aftreksel. De verwerkingsfactor voor gedroogde thee is 50; bijgevolg biedt een maximaal niveau van 500 Bq/kg voor gedroogde theebladeren de garantie dat het niveau in de bereide thee het maximale niveau van 10 Bq/kg niet overschrijdt.

(2) Om te zorgen voor consistentie met de huidige in Japan toegepaste maximale niveaus, vervangen deze waarden voorlopig de in Verordening (Euratom) 2016/52 vastgestelde niveaus.

(3) Maximaal niveau voor diervoeder met een vochtgehalte van 12 %.

(4) Om te zorgen voor consistentie met de huidige in Japan toegepaste maximale niveaus, vervangen deze waarden voorlopig de in Verordening (Euratom) 2016/52 vastgestelde niveaus.

(5) Met uitzondering van voer voor siervissen.


BIJLAGE II

BIJLAGE II

Diervoeders en levensmiddelen waarvoor een bemonstering en analyse op de aanwezigheid van cesium-134 en cesium-137 vóór uitvoer naar de Unie is vereist

 

a)

producten van oorsprong uit de prefectuur Fukushima:

paddenstoelen en afgeleide producten daarvan van de GN-codes 0709 51 00, 0709 59, 0710 80 61, 0710 80 69, 0711 51 00, 0711 59 00, 0712 31 00, 0712 32 00, 0712 33 00, ex 0712 39 00, 2003 10, 2003 90 en ex 2005 99 80;

vis en visserijproducten van de GN-codes 0302, 0303, 0304, 0305, 0308, 1504 10, 1504 20, 1604, met uitzondering van:

Japanse geelstaart (Seriola quinqueradiata) en Kaapse geelstaart (Seriola lalandi) van de GN-codes ex 0302 89 90, ex 0303 89 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

grote geelstaart (Seriola dumerili) van de GN-codes ex 0302 89 90, ex 0303 89 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Japanse zeebrasem (Pagrus major) van de GN-codes 0302 85 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Nieuw-Zeelandse horsmakreel (Pseudocaranx dentex) van de GN-codes ex 0302 49 90, ex 0303 89 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Pacifische blauwvintonijn (Thunnus orientalis) van de GN-codes ex 0302 35, ex 0303 45, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Spaanse makreel (Scomber japonicus) van de GN-codes ex 0302 44 00, ex 0303 54 10, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 49, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 30, ex 0305 54 90, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, 1604 15 en ex 1604 20 50;

sojabonen en afgeleide producten daarvan van de GN-codes 1201 90 00, 1208 10 00 en 1507;

Japans hoefblad (fuki) (Petasites japonicus) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

Aralia spp. en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

bamboescheuten (Phyllostacys pubescens) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90, ex 0712 90, ex 2004 90 en 2005 91 00;

adelaarsvaren (Pteridium aquilinum) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

koshiabura (scheut van Eleuterococcus sciadophylloides) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

Japanse koningsvaren (Osmunda japonica) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

struisvaren (Matteuccia struthioptheris) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

(Japanse) kaki (Diospyros sp.) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes 0810 70 00, ex 0811 90, ex 0812 90 en ex 0813 50;

 

b)

producten van oorsprong uit de prefectuur Miyagi:

paddenstoelen en afgeleide producten daarvan van de GN-codes 0709 51 00, 0709 59, 0710 80 61, 0710 80 69, 0711 51 00, 0711 59 00, 0712 31 00, 0712 32 00, 0712 33 00, ex 0712 39 00, 2003 10, 2003 90 en ex 2005 99 80;

vis en visserijproducten van de GN-codes 0302, 0303, 0304, 0305, 0308, 1504 10, 1504 20, 1604, met uitzondering van:

Japanse geelstaart (Seriola quinqueradiata) en Kaapse geelstaart (Seriola lalandi) van de GN-codes ex 0302 89 90, ex 0303 89 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

grote geelstaart (Seriola dumerili) van de GN-codes ex 0302 89 90, ex 0303 89 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Japanse zeebrasem (Pagrus major) van de GN-codes 0302 85 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Nieuw-Zeelandse horsmakreel (Pseudocaranx dentex) van de GN-codes ex 0302 49 90, ex 0303 89 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Pacifische blauwvintonijn (Thunnus orientalis) van de GN-codes ex 0302 35, ex 0303 45, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Spaanse makreel (Scomber japonicus) van de GN-codes ex 0302 44 00, ex 0303 54 10, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 49, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 30, ex 0305 54 90, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, 1604 15 en ex 1604 20 50;

Aralia spp. en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

bamboescheuten (Phyllostacys pubescens) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90, ex 0712 90, ex 2004 90 en 2005 91 00;

adelaarsvaren (Pteridium aquilinum) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

koshiabura (scheut van Eleuterococcus sciadophylloides) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

Japanse koningsvaren (Osmunda japonica) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

struisvaren (Matteuccia struthioptheris) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

 

c)

producten van oorsprong uit de prefectuur Nagano:

paddenstoelen en afgeleide producten daarvan van de GN-codes 0709 51 00, 0709 59, 0710 80 61, 0710 80 69, 0711 51 00, 0711 59 00, 0712 31 00, 0712 32 00, 0712 33 00, ex 0712 39 00, 2003 10, 2003 90 en ex 2005 99 80;

Aralia spp. en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

koshiabura (scheut van Eleuterococcus sciadophylloides) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

Japanse koningsvaren (Osmunda japonica) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

struisvaren (Matteuccia struthioptheris) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

 

d)

producten van oorsprong uit de prefecturen Gunma, Ibaraki, Tochigi, Chiba of Iwate:

paddenstoelen en afgeleide producten daarvan van de GN-codes 0709 51 00, 0709 59, 0710 80 61, 0710 80 69, 0711 51 00, 0711 59 00, 0712 31 00, 0712 32 00, 0712 33 00, ex 0712 39 00, 2003 10, 2003 90 en ex 2005 99 80;

vis en visserijproducten van de GN-codes 0302, 0303, 0304, 0305, 0308, 1504 10, 1504 20, 1604, met uitzondering van:

Japanse geelstaart (Seriola quinqueradiata) en Kaapse geelstaart (Seriola lalandi) van de GN-codes ex 0302 89 90, ex 0303 89 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

grote geelstaart (Seriola dumerili) van de GN-codes ex 0302 89 90, ex 0303 89 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Japanse zeebrasem (Pagrus major) van de GN-codes 0302 85 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Nieuw-Zeelandse horsmakreel (Pseudocaranx dentex) van de GN-codes ex 0302 49 90, ex 0303 89 90, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Pacifische blauwvintonijn (Thunnus orientalis) van de GN-codes ex 0302 35, ex 0303 45, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 90, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 80, ex 0305 59 85, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, ex 1604 19 91, ex 1604 19 97 en ex 1604 20 90;

Spaanse makreel (Scomber japonicus) van de GN-codes ex 0302 44 00, ex 0303 54 10, ex 0304 49 90, ex 0304 59 90, ex 0304 89 49, ex 0304 99 99, ex 0305 10 00, ex 0305 20 00, ex 0305 39 90, ex 0305 49 30, ex 0305 54 90, ex 0305 69 80, ex 0305 72 00, ex 0305 79 00, ex 1504 10, ex 1504 20, 1604 15 en ex 1604 20 50;

bamboescheuten (Phyllostacys pubescens) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90, ex 0712 90, ex 2004 90 en 2005 91 00;

koshiabura (scheut van Eleuterococcus sciadophylloides) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

 

e)

producten van oorsprong uit de prefecturen Yamanashi, Yamagata, Shizuoka of Niigata:

paddenstoelen en afgeleide producten daarvan van de GN-codes 0709 51 00, 0709 59, 0710 80 61, 0710 80 69, 0711 51 00, 0711 59 00, 0712 31 00, 0712 32 00, 0712 33 00, ex 0712 39 00, 2003 10, 2003 90 en ex 2005 99 80;

koshiabura (scheut van Eleuterococcus sciadophylloides) en afgeleide producten daarvan van de GN-codes ex 0709 99, ex 0710 80, ex 0711 90 en ex 0712 90;

 

f)

samengestelde producten die voor meer dan 50 % uit een of meer van de in deze bijlage onder a) tot en met e) bedoelde producten bestaan.


BIJLAGE III

BIJLAGE III

Image

Tekst van het beeld

Image

Tekst van het beeld

 

Zoeken

Nieuwsbrief

Inschrijven voor onze nieuwsbrief Diervoederwetgeving