Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Arrow
Arrow
Slider

2.1-4.5

AANBEVELING (EU) 2016/1110 VAN DE COMMISSIE

van 28 juni 2016

betreffende de monitoring van de aanwezigheid van nikkel in diervoeders

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie, en met name artikel 292,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Nikkel (Ni) in diervoeders kan zowel van natuurlijke als van antropogene oorsprong zijn. Bovendien kunnen bepaalde voedermiddelen metallisch nikkel bevatten, aangezien dat bij de productie als katalysator wordt gebruikt.

(2)

Het Panel voor contaminanten in de voedselketen (Contam-panel) van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft een wetenschappelijk advies uitgebracht over de risico's van de aanwezigheid van Ni in diervoeders voor de diergezondheid, de volksgezondheid en het milieu (1).

(3)

Het Contam-panel is tot de conclusie gekomen dat het onwaarschijnlijk is dat de aanwezigheid van Ni in diervoeders negatieve gevolgen heeft voor runderen, varkens, konijnen, eenden, vissen, honden, kippen, paarden, schapen, geiten en katten. Wat de risico's van de aanwezigheid van Ni in levensmiddelen van dierlijke oorsprong voor de menselijke gezondheid betreft, heeft het Contam-panel geconcludeerd dat wanneer uitsluitend levensmiddelen van dierlijke oorsprong in aanmerking worden genomen, de huidige niveaus van chronische blootstelling van de doorsneebevolking aan Ni mogelijk zorgwekkend kunnen zijn bij de jonge bevolking. Wat de acute blootstelling via de voeding betreft, heeft het Contam-panel geconcludeerd dat personen die gevoelig zijn voor nikkel bij de consumptie van levensmiddelen van dierlijke oorsprong, het risico lopen op opflakkeringen van eczeem. Bijgevolg mag de bijdrage van levensmiddelen van dierlijke oorsprong tot de blootstelling van de mens aan Ni via de voeding niet worden onderschat, in het bijzonder in leeftijdsgroepen met een hoge blootstelling aan Ni via de voeding. Op basis van de beschikbare gegevens kon evenwel niet worden vastgesteld welk percentage van het Ni in diervoeders wordt overgedragen naar levensmiddelen van dierlijke oorsprong.

(4)

Er zij op gewezen dat de gegevens inzake de aanwezigheid van Ni in diervoeders waarop EFSA haar wetenschappelijk advies heeft gebaseerd, hoofdzakelijk afkomstig waren uit één lidstaat en dat deze gegevens bijgevolg niet noodzakelijk representatief zijn voor de aanwezigheid van Ni in diervoeders in de EU.

(5)

Daarom is het passend de aanwezigheid van Ni in diervoeders in de hele EU te monitoren alvorens te overwegen maximumnikkelgehalten in diervoeders of enige andere risicobeheersingsmaatregel vast te stellen om een hoog niveau van bescherming van de dierlijke en menselijke gezondheid te garanderen,

HEEFT DE VOLGENDE AANBEVELING VASTGESTELD:

1.

De lidstaten zouden de aanwezigheid van Ni in diervoeders met de actieve betrokkenheid van de exploitanten van diervoederbedrijven moeten monitoren.

2.

Om ervoor te zorgen dat de monsters representatief zijn voor de bemonsterde partij, zouden de lidstaten de bemonsteringswijze die is vastgelegd in Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie (2) moeten volgen.

3.

De lidstaten zouden ervoor moeten zorgen dat de EFSA de analyseresultaten regelmatig en uiterlijk op 31 oktober 2017 ontvangt, in het door de EFSA gevraagde formaat voor de indiening van gegevens en in overeenstemming met de richtsnoeren van de EFSA betreffende de standaardmonsterbeschrijving (Standard Sample Description — SSD) voor levensmiddelen en diervoeders (3) en de aanvullende specifieke rapportagevereisten van de EFSA.

Gedaan te Brussel, 28 juni 2016.

Voor de Commissie

Vytenis ANDRIUKAITIS

Lid van de Commissie


(1)  Contam-panel van EFSA (EFSA-panel voor contaminanten in de voedselketen), 2015. Scientific Opinion on the risks to animal and public health and the environment related to the presence of nickel in feed. EFSA Journal 2015;13(4):4074, 76 blz., doi:10.2903/j.efsa.2015.4074 www.efsa.europa.eu/efsajournal

(2)  Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie van 27 januari 2009 tot vaststelling van de bemonsterings- en analysemethoden voor de officiële controle van diervoeders (PB L 54 van 26.2.2009, blz. 1).

(3)  http://www.efsa.europa.eu/en/datex/datexsubmitdata.htm


 

Zoeken

Nieuwsbrief

Inschrijven voor onze nieuwsbrief Diervoederwetgeving