Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Arrow
Arrow
Slider

2.1-3.2

VERORDENING (EU) Nr. 208/2011 VAN DE COMMISSIE

van 2 maart 2011

tot wijziging van bijlage VII bij Verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad, Verordening (EG) nr. 180/2008 van de Commissie en Verordening (EG) nr. 737/2008 van de Commissie wat lijsten en benamingen van EU-referentielaboratoria betreft

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 90/426/EEG van de Raad van 26 juni 1990 tot vaststelling van veterinairrechtelijke voorschriften voor het verkeer van paardachtigen en de invoer van paardachtigen uit derde landen (1), en met name artikel 19, onder iv),

Gezien Verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 29 april 2004 inzake officiële controles op de naleving van de wetgeving inzake diervoeders en levensmiddelen en de voorschriften inzake diergezondheid en dierenwelzijn (2), en met name artikel 32, lid 5,

Gezien Richtlijn 2006/88/EG van de Raad van 24 oktober 2006 betreffende veterinairrechtelijke voorschriften voor aquacultuurdieren en de producten daarvan en betreffende de preventie en bestrijding van bepaalde ziekten bij waterdieren (3), en met name artikel 55, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

In Verordening (EG) nr. 882/2004 zijn de algemene taken van de communautaire referentielaboratoria op het gebied van diervoeders en levensmiddelen alsmede diergezondheid en levende dieren vastgelegd, en de eisen waaraan deze laboratoria moeten voldoen. De communautaire referentielaboratoria voor diervoeders en levensmiddelen worden vermeld in deel I van bijlage VII bij die verordening, en die voor diergezondheid en levende dieren in deel II ervan.

(2)

Bij Verordening (EG) nr. 180/2008 van de Commissie van 28 februari 2008 betreffende het communautaire referentielaboratorium voor andere paardenziekten dan paardenpest en tot wijziging van bijlage VII bij Verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad (4), is het Agence française de sécurité sanitaire des aliments (AFSSA) met zijn onderzoeklaboratoria voor dierpathologie en zoönosen en voor paardenpathologie en -ziekten, dat is gevestigd in Frankrijk, aangewezen als communautair referentielaboratorium voor andere paardenziekten dan paardenpest.

(3)

Bij Verordening (EG) nr. 737/2008 van de Commissie van 28 juli 2008 tot aanwijzing van de communautaire referentielaboratoria voor ziekten bij schaaldieren, rabiës en rundertuberculose, tot vaststelling van aanvullende verantwoordelijkheden en taken van de communautaire referentielaboratoria voor rabiës en rundertuberculose en tot wijziging van bijlage VII bij Verordening (EG) nr. 882/2004 van het Europees Parlement en de Raad (5), is het Laboratoire d’études sur la rage et la pathologie des animaux sauvages van het Agence française de sécurité sanitaire des aliments (AFSSA), gevestigd te Nancy, Frankrijk, aangewezen als communautair referentielaboratorium voor rabiës.

(4)

Frankrijk en Denemarken hebben de Commissie officieel in kennis gesteld van wijzigingen in de benaming van laboratoria waarnaar in die verordeningen wordt verwezen. Voorts moeten de in bijlage VII bij Verordening (EG) nr. 882/2004 vermelde laboratoria, die voorheen als „communautaire referentielaboratoria” werden aangeduid, thans als „Europese Unie (EU)-referentielaboratoria” worden aangeduid.

(5)

Het is van belang dat de lijst van EU-referentielaboratoria als vermeld in de Verordeningen (EG) nr. 882/2004, (EG) nr. 180/2008 en (EG) nr. 737/2008 wordt bijgewerkt. Deze verordeningen moeten derhalve dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(6)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage VII bij Verordening (EG) nr. 882/2004 wordt vervangen door de tekst in de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Artikel 1 van Verordening (EG) nr. 180/2008 komt als volgt te luiden:

„Artikel 1

1.   Het Agence nationale de sécurité sanitaire de l’alimentation, de l’environnement et du travail (ANSES) met zijn laboratoria voor diergezondheid en paardenziekten, gevestigd in Frankrijk, wordt voor de periode 1 juli 2008 tot en met 30 juni 2013 aangewezen als EU-referentielaboratorium voor andere paardenziekten dan paardenpest.

2.   Voor het in lid 1 bedoelde EU-referentielaboratorium worden de functies, taken en procedures voor de samenwerking met de laboratoria die in de lidstaten belast zijn met de diagnose van infectieziekten bij paardachtigen in de bijlage bij deze verordening vastgesteld.”.

Artikel 3

Artikel 2, eerste alinea, van Verordening (EG) nr. 737/2008 komt als volgt te luiden:

„Het Laboratoire de la rage et de la faune sauvage de Nancy van het Agence nationale de sécurité sanitaire de l’alimentation, de l’environnement et du travail (ANSES), gevestigd te Frankrijk, wordt voor de periode 1 juli 2008 tot en met 30 juni 2013 aangewezen als EU-referentielaboratorium voor rabiës.”.

Artikel 4

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 2 maart 2011.

Voor de Commissie

De voorzitter

José Manuel BARROSO


(1)  PB L 224 van 18.8.1990, blz. 42.

(2)  PB L 165 van 30.4.2004, blz. 1.

(3)  PB L 328 van 24.11.2006, blz. 14.

(4)  PB L 56 van 29.2.2008, blz. 4.

(5)  PB L 201 van 30.7.2008, blz. 29.


BIJLAGE

Bijlage VII bij Verordening (EG) nr. 882/2004 komt als volgt te luiden:

„BIJLAGE VII

EUROPESE UNIE (EU)-REFERENTIELABORATORIA

(Voorheen „COMMUNAUTAIRE REFERENTIELABORATORIA” genoemd)

I.   EU-REFERENTIELABORATORIA VOOR DIERVOEDERS EN LEVENSMIDDELEN

1.   EU-referentielaboratorium voor melk en zuivelproducten

ANSES — Laboratoire de sécurité des aliments

Maisons-Alfort

Frankrijk

2.   EU-referentielaboratoria voor de analyse en de controle van zoönosen (salmonella)

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)

Bilthoven

Nederland

3.   EU-referentielaboratorium voor de controle op mariene biotoxines

Agencia Española de Seguridad Alimentaria (AESA)

Vigo

Spanje

4.   EU-referentielaboratorium voor de controle op bacteriologische en virale besmettingen bij tweekleppige weekdieren

Laboratorium van het Centre for Environment, Fisheries and Aquaculture Science (Cefas)

Weymouth

Verenigd Koninkrijk

5.   EU-referentielaboratorium voor Listeria monocytogenes

ANSES — Laboratoire de sécurité des aliments

Maisons-Alfort

Frankrijk

6.   EU-referentielaboratorium voor coagulasepositieve stafylokokken, inclusief Staphylococcus aureus

ANSES — Laboratoire de sécurité des aliments

Maisons-Alfort

Frankrijk

7.   EU-referentielaboratorium voor Escherichia coli, waaronder verotoxineproducerende E. coli (VTEC)

Istituto Superiore di Sanità (ISS)

Rome

Italië

8.   EU-referentielaboratorium voor campylobacter

Statens Veterinärmedicinska Anstalt (SVA)

Uppsala

Zweden

9.   EU-referentielaboratorium voor parasieten (met name trichinella, echinokokken en anisakis)

Istituto Superiore di Sanità (ISS)

Rome

Italië

10.   EU-referentielaboratorium voor antimicrobiële resistentie

Fødevareinstituttet

Danmarks Tekniske Universitet

Kopenhagen

Denemarken

11.   EU-referentielaboratorium voor dierlijke eiwitten in diervoeders

Centre wallon de recherches agronomiques (CRA-W)

Gembloux

België

12.   EU-referentielaboratoria voor residuen van diergeneesmiddelen en contaminanten in levensmiddelen van dierlijke oorsprong

a)

Voor de residuen genoemd in bijlage I, groep A, punten 1, 2, 3 en 4, groep B, punt 2, onder d), en groep B, punt 3, onder d), van Richtlijn 96/23/EG:

Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)

Bilthoven

Nederland

b)

Voor de residuen genoemd in bijlage I, groep B, punt 1 en punt 3, onder e), van Richtlijn 96/23/EG en voor carbadox en olaquindox:

ANSES — Laboratoire de Fougères

Frankrijk

c)

Voor de residuen genoemd in bijlage I, groep A, punt 5, en groep B, punt 2, onder a), b) en e), van Richtlijn 96/23/EG:

Bundesamt für Verbraucherschutz und Lebensmittelsicherheit (BVL)

Berlijn

Duitsland

d)

Voor de residuen genoemd in bijlage I, groep B, punt 3, onder c), van Richtlijn 96/23/EG:

Instituto Superiore di Sanità

Rome

Italië

13.   EU-referentielaboratorium voor overdraagbare spongiforme encefalopathieën (TSE’s)

Het laboratorium dat vermeld is in bijlage X, hoofdstuk B, van Verordening (EG) nr. 999/2001:

Veterinary Laboratories Agency

Addlestone

Verenigd Koninkrijk

14.   EU-referentielaboratorium voor in diervoeding gebruikte toevoegingsmiddelen

Het laboratorium dat vermeld is in bijlage II bij Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding (1):

Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek van de Commissie

Geel

België

15.   EU-referentielaboratorium voor genetisch gemodificeerde organismen (GGO’s)

Het laboratorium dat vermeld is in de bijlage bij Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (2):

Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek van de Commissie

Ispra

Italië

16.   EU-referentielaboratorium voor materiaal dat bestemd is om in contact te komen met levensmiddelen

Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek van de Commissie

Ispra

Italië

17.   EU-referentielaboratoria voor residuen van bestrijdingsmiddelen

a)

Graangewassen en diervoeders:

Fødevareinstituttet

Danmarks Tekniske Universitet

Kopenhagen

Denemarken

b)

Levensmiddelen van dierlijke oorsprong en producten met een hoog vetgehalte:

Chemisches und Veterinäruntersuchungsamt (CVUA) Freiburg

Freiburg

Duitsland

c)

Fruit en groenten, met inbegrip van producten met een hoog water- en zuurgehalte:

Laboratorio Agrario de la Generalitat Valenciana (LAGV)

Burjassot-Valencia

Spanje

Grupo de Residuos de Plaguicidas de la Universidad de Almería (PRRG)

Almería

Spanje

d)

Single-residumethoden:

Chemisches und Veterinäruntersuchungsamt (CVUA) Stuttgart

Fellbach

Duitsland

18.   EU-referentielaboratorium voor zware metalen in diervoeders en levensmiddelen

Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek van de Commissie

Geel

België

19.   EU-referentielaboratorium voor mycotoxinen

Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek van de Commissie

Geel

België

20.   EU-referentielaboratorium voor polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK)

Gemeenschappelijk Centrum voor onderzoek van de Commissie

Geel

België

21.   EU-referentielaboratorium voor dioxinen en PCB’s in diervoeders en levensmiddelen

Chemisches und Veterinäruntersuchungsamt (CVUA) Freiburg

Freiburg

Duitsland

II.   EU-REFERENTIELABORATORIA VOOR DIERGEZONDHEID EN LEVENDE DIEREN

1.   EU-referentielaboratorium voor klassieke varkenspest

Het laboratorium dat vermeld is in Richtlijn 2001/89/EG van de Raad van 23 oktober 2001 betreffende maatregelen van de Gemeenschap ter bestrijding van klassieke varkenspest (3).

2.   EU-referentielaboratorium voor paardenpest

Het laboratorium dat vermeld is in Richtlijn 92/35/EEG van de Raad van 29 april 1992 tot vaststelling van controlevoorschriften en van maatregelen ter bestrijding van paardenpest (4).

3.   EU-referentielaboratorium voor aviaire influenza

Het laboratorium dat vermeld is in Richtlijn 2005/94/EG van de Raad van 20 december 2005 betreffende communautaire maatregelen ter bestrijding van aviaire influenza en tot intrekking van Richtlijn 92/40/EEG (5).

4.   EU-referentielaboratorium voor de ziekte van Newcastle

Het laboratorium dat vermeld is in Richtlijn 92/66/EEG van de Raad van 14 juli 1992 tot vaststelling van communautaire maatregelen voor de bestrijding van de ziekte van Newcastle (6).

5.   EU-referentielaboratorium voor de vesiculaire varkensziekte

Het laboratorium dat vermeld is in Richtlijn 92/119/EEG van de Raad van 17 december 1992 tot vaststelling van algemene communautaire maatregelen voor de bestrijding van bepaalde dierziekten en van specifieke maatregelen ten aanzien van de vesiculaire varkensziekte (7).

6.   EU-referentielaboratorium voor visziekten

Veterinærinstituttet

Afdeling for Fjerkræ, Fisk og Pelsdyr

Danmarks Tekniske Universitet

Aarhus

Denemarken

7.   EU-referentielaboratorium voor ziekten bij weekdieren

Ifremer — Institut français de recherche pour l’exploitation de la mer

La Tremblade

Frankrijk

8.   EU-referentielaboratorium voor de controle van de doelmatigheid van antirabiësvaccins

Het laboratorium dat vermeld is in Beschikking 2000/258/EG van de Raad van 20 maart 2000 houdende aanwijzing van een specifiek instituut dat verantwoordelijk is voor de vaststelling van de criteria die nodig zijn voor de normalisatie van de serologische tests om de doelmatigheid van antirabiësvaccins te controleren (8).

9.   EU-referentielaboratorium voor bluetongue

Het laboratorium dat vermeld is in Richtlijn 2000/75/EG van de Raad van 20 november 2000 tot vaststelling van specifieke bepalingen inzake de bestrijding en uitroeiing van bluetongue (9).

10.   EU-referentielaboratorium voor Afrikaanse varkenspest

Het laboratorium dat vermeld is in Richtlijn 2002/60/EG van de Raad van 27 juni 2002 houdende vaststelling van specifieke bepalingen voor de bestrijding van Afrikaanse varkenspest en houdende wijziging van Richtlijn 92/119/EEG met betrekking tot besmettelijke varkensverlamming (Teschenerziekte) en Afrikaanse varkenspest (10).

11.   EU-referentielaboratorium voor zoötechniek

Het laboratorium dat vermeld is in Beschikking 96/463/EG van de Raad van 23 juli 1996 tot aanwijzing van de referentie-instantie die verantwoordelijk is voor de uniformisering van de methoden voor het testen van raszuivere fokrunderen en van de evaluatie van de testresultaten (11).

12.   EU-referentielaboratorium voor mond- en klauwzeer

Het laboratorium dat vermeld is in Richtlijn 2003/85/EG van de Raad van 29 september 2003 tot vaststelling van communautaire maatregelen voor de bestrijding van mond-en-klauwzeer, tot intrekking van Richtlijn 85/511/EEG en van de Beschikkingen 89/531/EEG en 91/665/EEG, en tot wijziging van Richtlijn 92/46/EEG (12).

13.   EU-referentielaboratorium voor brucellose

ANSES — Laboratoire de santé animale

Maisons-Alfort

Frankrijk

14.   EU-referentielaboratorium voor andere paardenziekten dan paardenpest

ANSES — Laboratoire de santé animale/Laboratoire de pathologie équine

Maisons-Alfort

Frankrijk

15.   EU-referentielaboratorium voor ziekten bij schaaldieren

Centre for Environment, Fisheries & Aquaculture Science (Cefas)

Weymouth

Verenigd Koninkrijk

16.   EU-referentielaboratorium voor rabiës

ANSES — Laboratoire de la rage et de la faune sauvage de Nancy

Malzeville

Frankrijk

17.   EU-referentielaboratorium voor rundertuberculose

VISAVET –— Laboratorio de vigilancia veterinaria, Facultad de Veterinaria, Universidad Complutense de Madrid

Madrid

Spanje”


(1)  PB L 268 van 18.10.2003, blz. 29.

(2)  PB L 268 van 18.10.2003, blz. 1.

(3)  PB L 316 van 1.12.2001, blz. 5.

(4)  PB L 157 van 10.6.1992, blz. 19.

(5)  PB L 10 van 14.1.2006, blz. 16.

(6)  PB L 260 van 5.9.1992, blz. 1.

(7)  PB L 62 van 15.3.1993, blz. 69.

(8)  PB L 79 van 30.3.2000, blz. 40.

(9)  PB L 327 van 22.12.2000, blz. 74.

(10)  PB L 192 van 20.7.2002, blz. 27.

(11)  PB L 192 van 2.8.1996, blz. 19.

(12)  PB L 306 van 22.11.2003, blz. 1.


 

Zoeken

Nieuwsbrief

Inschrijven voor onze nieuwsbrief Diervoederwetgeving