Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

2.3-2.276

UITVOERINGSVERORDENING (EU) Nr. 848/2014 VAN DE COMMISSIE

van 4 augustus 2014

tot verlening van een vergunning voor L-valine geproduceerd door Corynebacterium glutamicum als toevoegingsmiddel voor diervoeding voor alle diersoorten en tot wijziging van Verordening (EG) nr. 403/2009 ten aanzien van de etikettering van het toevoegingsmiddel voor diervoeder L-valine

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Verordening (EG) nr. 1831/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 betreffende toevoegingsmiddelen voor diervoeding (1), en met name artikel 9, lid 2, en artikel 13, lid 2,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

De verlening van vergunningen voor toevoegingsmiddelen voor diervoeding, met inbegrip van de vergunningsgronden en -procedures, is geregeld bij Verordening (EG) nr. 1831/2003.

(2)

Overeenkomstig artikel 7 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 is een aanvraag voor de verlening van een vergunning voor L-valine ingediend. De krachtens artikel 7, lid 3, van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vereiste gegevens en documenten zijn bij de aanvraag verstrekt.

(3)

De aanvraag betreft de verlening van een vergunning voor L-valine, geproduceerd door Corynebacterium glutamicum (KCCM 80058), als toevoegingsmiddel in de categorie „nutritionele toevoegingsmiddelen” voor diervoeding voor alle diersoorten.

(4)

De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft in haar advies van 8 oktober 2013 (2) geconcludeerd dat L-valine, geproduceerd door Corynebacterium glutamicum (KCCM 80058) onder de voorgestelde gebruiksvoorwaarden geen ongunstige effecten voor de diergezondheid, de menselijke gezondheid en het milieu heeft en dat het wordt beschouwd als een effectieve bron van het aminozuur L-valine voor diervoeding. Specifieke eisen voor toezicht na het in de handel brengen acht de EFSA niet nodig. De EFSA heeft ook het verslag over de analysemethode voor het toevoegingsmiddel voor diervoeding geverifieerd dat door het bij Verordening (EG) nr. 1831/2003 ingestelde referentielaboratorium was ingediend.

(5)

Uit de beoordeling van die stof blijkt dat aan de in artikel 5 van Verordening (EG) nr. 1831/2003 vermelde voorwaarden voor de verlening van een vergunning is voldaan. Het gebruik van die stof zoals omschreven in de bijlage bij deze verordening moet daarom worden toegestaan.

(6)

Bij Verordening (EG) nr. 403/2009 van de Commissie (3) is een vergunning verleend voor L-valine, geproduceerd door Escherichia coli. Om de differentiatie van de toevoegingsmiddelen in het uiteindelijke diervoeder te waarborgen moet hun identificatienummer worden vermeld op het etiket van voedermiddelen en mengvoeders, samen met hun benaming en toegevoegde hoeveelheid.

(7)

Verordening (EG) nr. 403/2009 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd. Aangezien de voorwaarden van de vergunning niet om veiligheidsredenen worden gewijzigd, moet worden voorzien in een overgangsperiode tijdens welke bestaande voorraden kunnen worden opgemaakt.

(8)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Verlening van de vergunning

Voor de in de bijlage beschreven stof, die behoort tot de categorie „nutritionele toevoegingsmiddelen” en de functionele groep „aminozuren, de zouten en de analogen daarvan”, wordt onder de in de bijlage vastgestelde voorwaarden een vergunning voor gebruik als toevoegingsmiddel voor diervoeding verleend.

Artikel 2

Wijziging van Verordening (EG) nr. 403/2009

In de negende kolom van de bijlage bij Verordening (EG) nr. 403/2009 wordt de volgende alinea toegevoegd:

„Wanneer een vrijwillige verklaring betreffende het toevoegingsmiddel op het etiket van voedermiddelen en mengvoeders wordt aangebracht, wordt het volgende vermeld:

naam en identificatienummer van het toevoegingsmiddel,

toegevoegde hoeveelheid van het toevoegingsmiddel.”.

Artikel 3

Overgangsmaatregelen

De in artikel 2 beschreven voedermiddelen en mengvoeders die vóór 25 februari 2015 zijn geproduceerd en geëtiketteerd overeenkomstig de voorschriften die vóór 25 augustus 2014 van toepassing waren, mogen verder in de handel worden gebracht en worden gebruikt totdat de bestaande voorraden zijn uitgeput. Wat voor gezelschapsdieren bestemde diervoeders betreft, eindigt de periode voor de productie en etikettering, als bedoeld in de eerste zin, op 25 augustus 2016.

Artikel 4

Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 4 augustus 2014.

Voor de Commissie

De voorzitter

José Manuel BARROSO


(1)  PB L 268 van 18.10.2003, blz. 29.

(2)  EFSA Journal (2013); 11(10):3429.

(3)  Verordening (EG) nr. 403/2009 van de Commissie van 14 mei 2009 tot verlening van een vergunning voor een preparaat van L-valine als toevoegingsmiddel voor diervoeding (PB L 120 van 15.5.2009, blz. 3).


BIJLAGE

Identificatienummer van het toevoegingsmiddel

Naam van de vergunninghouder

Toevoegingsmiddel

Samenstelling, chemische formule, beschrijving, analysemethode

Diersoort of -categorie

Maximumleeftijd

Minimumgehalte

Maximumgehalte

Overige bepalingen

Einde van de vergunningsperiode

mg/kg volledig diervoeder met een vochtgehalte van 12 %

Categorie nutritionele toevoegingsmiddelen. Functionele groep: de aminozuren, de zouten en de analogen daarvan

3c370

L-valine

Samenstelling van het toevoegingsmiddel

Ten minste 98 % L-valine (op basis van de droge stof)

Karakterisering van de werkzame stof

L-valine ((2S)-2-amino-3-methylbutaanzuur) geproduceerd door Corynebacterium glutamicum (KCCM 80058)

Chemische formule: C5H11NO2

CAS-nummer: 72-18-4

Analysemethode (1)

Voor de bepaling van L-valine in het toevoegingsmiddel voor diervoeding: Food Chemical Codex „L-valine monograph”.

Voor de bepaling van valine in voormengsels, mengvoeders en voedermiddelen: ionenwisselingschromatografie met nakolomsderivatisering en spectrofotometrische detectie (HPLC/VIS) — Verordening (EG) nr. 152/2009 (PB L 54 van 26.2.2009, blz. 1).

Alle soorten

 

 

1.

Op de etikettering van het toevoegingsmiddel moet het volgende worden vermeld:

vochtgehalte.

2.

Wanneer een vrijwillige verklaring betreffende het toevoegingsmiddel op het etiket van voedermiddelen en mengvoeders wordt aangebracht, wordt het volgende vermeld:

naam en identificatienummer van het toevoegingsmiddel,

toegevoegde hoeveelheid van het toevoegingsmiddel.

25 augustus 2024


(1)  Nadere bijzonderheden over de analysemethoden zijn te vinden op het volgende adres van het referentielaboratorium: https://ec.europa.eu/jrc/en/eurl/feed-additives/evaluation-reports


 

Zoeken

Nieuwsbrief

Inschrijven voor onze nieuwsbrief Diervoederwetgeving