Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Arrow
Arrow
Slider

2.5-4.10

BESCHIKKING VAN DE COMMISSIE

van 25 april 2007

betreffende het uit de handel nemen van producten die zijn afgeleid van GA21xMON810 (MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6) mais

(Kennisgeving geschied onder nummer C(2007) 1810)

(Slechts de teksten in de Franse en de Nederlandse taal zijn authentiek)

(2007/308/EG)

DE COMMISSIE VAN DE EUROPESE GEMEENSCHAPPEN,

Gelet op het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap,

Gelet op Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (1), en met name op artikel 8, lid 6, en artikel 20, lid 6,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Van GA21xMON810 (MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6) mais afgeleide producten zijn overeenkomstig artikel 8, lid 1, onder b), en artikel 20, lid 1, onder b), van Verordening (EG) nr. 1829/2003 (hierna „de verordening” genoemd) door Monsanto Europe nv (hierna „de kennisgever” genoemd) als bestaande producten gemeld en in het communautaire register van genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders opgenomen. De melding betrof levensmiddelenadditieven, diervoeders en toevoegingsmiddelen die zijn geproduceerd met MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais.

(2)

Er is geen toestemming verleend voor het in de handel brengen van zaden van MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais in de Gemeenschap. De kennisgever van MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais heeft de Commissie in een brief van 1 maart 2007 meegedeeld dat 2005 het laatste jaar was waarin de commerciële verkoop van MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais wereldwijd toegelaten was.

(3)

Voorts heeft de kennisgever de Commissie meegedeeld dat hij niet voornemens is een aanvraag in te dienen voor een vernieuwing van de toestemming voor producten die van MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais zijn afgeleid overeenkomstig artikel 8, lid 4, tweede alinea, artikel 11, artikel 20, lid 4, tweede alinea, en artikel 23 van de verordening. Bijgevolg mogen producten die van MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais zijn afgeleid na 18 april 2007 niet langer in de Gemeenschap in de handel gebracht worden.

(4)

Er zijn geen maatregelen nodig om ervoor te zorgen dat zaad van MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais daadwerkelijk uit de handel wordt genomen, aangezien dit zaad in de Gemeenschap nooit wettelijk in de handel kan worden gebracht. Aangezien de kennisgever na het plantseizoen 2005 is gestopt met het verkopen van MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais, zijn de voorraden van MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais afgeleide producten opgebruikt en zullen zij naar verwachting na 18 april 2007 niet langer in de handel zijn. Wel kunnen er nog enige tijd minieme sporen van genetisch gemodificeerd materiaal van MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais in levensmiddelen en diervoeders aanwezig blijven.

(5)

Met het oog op de rechtszekerheid moet daarom in een overgangstermijn worden voorzien gedurende welke een onvoorziene of technisch niet te voorkomen aanwezigheid van dergelijk materiaal in levensmiddelen en diervoeders niet als een inbreuk op artikel 4, lid 2, of artikel 16, lid 2, van de verordening wordt beschouwd.

(6)

Bij het vaststellen van het getolereerde gehalte en de termijn moet er rekening mee worden gehouden hoelang het duurt voordat het feit dat het zaad niet langer beschikbaar is, effect sorteert in de hele voedsel- en voederketen. In ieder geval moet het getolereerde gehalte lager zijn dan de bij de verordening vastgestelde drempelwaarde voor etikettering en traceerbaarheid van niet meer dan 0,9 % voor de onvoorziene of technisch niet te voorkomen aanwezigheid van genetisch gemodificeerd materiaal in levensmiddelen en diervoeders.

(7)

De gegevens betreffende MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais in het communautaire register zoals bedoeld in artikel 28 van de verordening moeten worden gewijzigd om deze beschikking in aanmerking te nemen.

(8)

De kennisgever is over de in deze beschikking vervatte maatregelen geraadpleegd.

(9)

De in deze beschikking vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor de voedselketen en de diergezondheid,

HEEFT DE VOLGENDE BESCHIKKING GEGEVEN:

Artikel 1

Tot en met vijf jaar na de kennisgeving van deze beschikking wordt de aanwezigheid van materiaal dat met MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais is geproduceerd, in overeenkomstig artikel 8, lid 1, onder b), en artikel 20, lid 1, onder b), van de verordening gemelde levensmiddelen en diervoeders getolereerd mits:

a)

die aanwezigheid onvoorzien of technisch niet te voorkomen is; en

b)

het gehalte niet meer dan 0,9 % bedraagt.

Artikel 2

De gegevens betreffende MON-ØØØ21-9xMON-ØØ81Ø-6 mais in het communautaire register zoals bedoeld in artikel 28 van de verordening worden gewijzigd om deze beschikking in aanmerking te nemen.

Artikel 3

Deze beschikking is gericht tot Monsanto Europe nv, Scheldelaan 460, Haven 627, B-2040 Antwerpen, België, vertegenwoordiger van Monsanto Company, Verenigde Staten.

Gedaan te Brussel, 25 april 2007.

Voor de Commissie

Markos KYPRIANOU

Lid van de Commissie


(1)  PB L 268 van 18.10.2003, blz. 1. Verordening gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 1981/2006 van de Commissie (PB L 368 van 23.12.2006, blz. 99).


 

Zoeken

Nieuwsbrief

Inschrijven voor onze nieuwsbrief Diervoederwetgeving