Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

2.2-17

UITVOERINGSVERORDENING (EU) 2019/1756 VAN DE COMMISSIE

van 23 oktober 2019

tot wijziging van bijlage V bij Verordening (EG) nr. 136/2004 wat betreft de opneming van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland in de lijst van derde landen waaruit zendingen hooi en stro in de Unie mogen worden binnengebracht

(Voor de EER relevante tekst)

DE EUROPESE COMMISSIE,

Gezien het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie,

Gezien Richtlijn 97/78/EG van de Raad van 18 december 1997 tot vaststelling van de beginselen voor de organisatie van de veterinaire controles voor producten die uit derde landen in de Gemeenschap worden binnengebracht (1), en met name artikel 19, lid 1,

Overwegende hetgeen volgt:

(1)

Op 29 maart 2017 heeft het Verenigd Koninkrijk kennisgegeven van zijn voornemen om zich uit de Unie terug te trekken krachtens artikel 50 van het Verdrag betreffende de Europese Unie (VEU). Op 11 april 2019 heeft de Europese Raad, in overeenstemming met het Verenigd Koninkrijk, Besluit (EU) 2019/584 (2) tot verlenging van de in artikel 50, lid 3, VEU bedoelde termijn vastgesteld. Overeenkomstig dat besluit is de termijn waarin artikel 50, lid 3, VEU voorziet, verder verlengd tot en met 31 oktober 2019. Het Unierecht zal derhalve met ingang van 1 november 2019 (“de terugtrekkingsdatum”) niet meer van toepassing zijn op en in het Verenigd Koninkrijk.

(2)

In Richtlijn 97/78/EG zijn de beginselen vastgesteld voor de organisatie van de veterinaire controles voor producten die uit derde landen in de Unie worden binnengebracht. In artikel 19, lid 1, van die richtlijn is bepaald dat de Commissie de lijst vaststelt van de plantaardige producten die moeten worden onderworpen aan veterinaire grenscontroles omdat zij een risico op verspreiding van besmettelijke dierziekten in de Unie kunnen vormen, en de lijst van derde landen waaruit die plantaardige producten naar de Unie mogen worden uitgevoerd.

(3)

Dienovereenkomstig zijn in bijlage IV bij Verordening (EG) nr. 136/2004 van de Commissie (3) hooi en stro opgenomen als plantaardige producten die aan veterinaire grenscontroles zijn onderworpen, terwijl in bijlage V bij die verordening de landen zijn vermeld waaruit de lidstaten hooi en stro mogen invoeren.

(4)

Het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland heeft voor dat land de nodige garanties verstrekt om vanaf de terugtrekkingsdatum te voldoen aan de in Verordening (EG) nr. 136/2004 vastgestelde voorwaarden voor het binnenbrengen in de Unie van zendingen hooi en stro door gedurende een eerste periode van ten minste negen maanden te blijven voldoen aan de wetgeving van de Unie.

(5)

Rekening houdend met deze specifieke door het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland verstrekte garanties en om onnodige verstoringen van de handel na de terugtrekkingsdatum te voorkomen, moet het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland worden opgenomen in de lijst van landen in bijlage V bij Verordening (EG) nr. 136/2004 waaruit zendingen hooi en stro in de Unie mogen worden binnengebracht.

(6)

Bijlage V bij Verordening (EG) nr. 136/2004 moet daarom dienovereenkomstig worden gewijzigd.

(7)

Deze verordening moet van toepassing zijn met ingang van 1 november 2019, tenzij het Unierecht op die datum van toepassing blijft op en in het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland.

(8)

De in deze verordening vervatte maatregelen zijn in overeenstemming met het advies van het Permanent Comité voor planten, dieren, levensmiddelen en diervoeders,

HEEFT DE VOLGENDE VERORDENING VASTGESTELD:

Artikel 1

Bijlage V bij Verordening (EG) nr. 136/2004 wordt gewijzigd overeenkomstig de bijlage bij deze verordening.

Artikel 2

Deze verordening treedt in werking op de dag na die van de bekendmaking ervan in het Publicatieblad van de Europese Unie.

Zij is van toepassing met ingang van 1 november 2019.

Zij zal echter niet van toepassing zijn indien het Unierecht op die datum van toepassing blijft op en in het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland.

Deze verordening is verbindend in al haar onderdelen en is rechtstreeks toepasselijk in elke lidstaat.

Gedaan te Brussel, 23 oktober 2019.

Voor de Commissie

De voorzitter

Jean-Claude JUNCKER


(1) PB L 24 van 30.1.1998, blz. 9.

(2) Besluit (EU) 2019/584 van de Europese Raad vastgesteld in overeenstemming met het Verenigd Koninkrijk van 11 april 2019 tot verlenging van de in artikel 50, lid 3, VEU bedoelde termijn (PB L 101 van 11.4.2019, blz. 1).

(3) Verordening (EG) nr. 136/2004 van de Commissie van 22 januari 2004 tot vaststelling van procedures voor de veterinaire controles in de grensinspectieposten van de Gemeenschap bij het binnenbrengen van producten uit derde landen (PB L 21 van 28.1.2004, blz. 11).


BIJLAGE

In bijlage V bij Verordening (EG) nr. 136/2004 wordt na de vermelding betreffende Chili de volgende rij ingevoegd:

“GB

Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland”


Zoeken

Nieuwsbrief

Inschrijven voor onze nieuwsbrief Diervoederwetgeving