Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Federatie Nederlandse Diervoederketen

Geregistreerde wasplaatsen


Lijst met geregistreerde wasplaatsen

Actuele FND lijst wasplaatsen

Bij inwerking treden van het Hygiëneprotocol Diervoedertransport worden er eisen gesteld aan de wasplaatsen. De FND geregistreerde wasplaatsen voldoen minimaal aan de hieronder genoemde eisen:

  1. De ontsmetting van vervoermiddelen geschiedt met voor dat doel op grond van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden toegelaten ontsmettingsmiddelen. Hiermee worden de middelen bedoeld die door het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden (Ctgb) zijn toegelaten voor gebruik in de sector voeding en diervoeders. Dit zijn de desinfecteermiddelen die vallen onder de groep (producttype) PT04-biociden. Deze lijst is te vinden op de website van het Ctgb: http://www.ctgb.nl
  2. Ieder ontsmettingsmiddel wordt overeenkomstig het wettelijk gebruiksvoorschrift en de gebruiksaanwijzing (WGGA) toegepast.
  3. De wasplaats is geregistreerd bij FND en met NAW op internet geplaatst (zie hieronder).
  4. Vanwege het beperken van risico’s worden op een bij de FND geregistreerde wasplaats ten tijde van een aangifteplichtige ziekte geen transportmiddelen voor vee gereinigd en ontsmet.
  5. De exploitant van de wasplaats, of diens vertegenwoordiger, houdt toezicht op de uitvoering van de reiniging en ontsmetting van het vervoermiddel.
  6. De exploitant van de wasplaats, of diens vertegenwoordiger, geeft een Verklaring van Reiniging en Ontsmetting als bedoeld in bijlage 1 af aan de vervoerder.
  7. Op de wasplaats wordt een register van ‘Reiniging en Ontsmetting van diervoedertransportwagens’ bijgehouden waarin minimaal opgenomen het kenteken vervoermiddel en de datum en tijd van de uitgevoerde R&O.
  8. De wasplaats voldoet aan de vigerende milieu wet- en regelgeving.


Door de NVWA kunnen steekproefsgewijs controles worden gedaan op de uitvoering van de reiniging en ontsmetting.
Een van de belangrijke eisen die nu aan de wasplaatsen worden gesteld, is dat op deze wasplaatsen ten tijde van een dierziektecrisis geen vrachtwagens voor veevervoer mogen worden gereinigd en ontsmet (om zo veel mogelijk kruiscontaminatie te vermijden). Vanaf het moment dat het Hygiëneprotocol in werking treedt, is het gedurende de looptijd van deze regelgeving dus niet toegestaan om een veevervoermiddelen te reinigen en ontsmetten op een door FND geregistreerde wasplaats. Op het moment dat de crisisregelgeving wordt ingetrokken, komt ook het verplichting van het Hygiëneprotocol te vervallen en daarmee de bepaling dat de verschillende vervoermiddelen (veetransport en veevoedertransport) niet op dezelfde wasplaats mogen reinigen en ontsmetten. Vanaf dat moment is de wasplaats weer vrij om elk transportmiddel te ontvangen.

 

Nieuwsbrief

Inschrijven voor onze nieuwsbrief Diervoederwetgeving